
Tussen het vorige verslag en nu is er uiteraard nog heel wat gebeurd. We gingen naar Mexico City om Laura en Leen op te halen en brachten daar een toeristendagje door om op adem te komen. Nadien begonnen de twee weken van de introductie. Spelen met z’n vieren, de kindjes leren kennen, heel veel bezoekjes brengen bij alle families en vrienden die we hier kennen, veel lekkere dingen eten en uitgeput zijn. We speelden kennismakingsspelletjes, maakten een telefoon met bekertjes, stempelden met patatten, speelden met plasticine en bakten en aten pannenkoeken als afscheids- / welkomsfeestje. Ik denk dat ik nog nooit zoveel keer “No se vayan!” gehoord heb op een dag.


Vorige week zaterdag was het dan Skaloween, een Ska-verkleedfeest, georganiseerd door onze vrienden. Dorien en ik gingen als slak, wat we last-minute, maar met succes beslisten en uitgevoerden, Laura en Leen gingen als vlinders, Memo als vampier en Koen ging als Koen. Wat een feest, wat een locatie, wat een leut. Ik heb me weer ziek gelachen.
Afgelopen zaterdag brak dan een langverwachte dag voor Leen en Laura en moesten Dorien en ik ons bed en ons huisje aan hen afstaan. Gelukkig werd de pijn verzacht door het feit dat we met onze bende vrienden naar Maruata, aan de Pacifische Oceaan, gingen. ’s Morgens om 7u zaten we al met slaapoogjes in de volgepropte achterbak van een camioneta, klaar voor een rit van vijf uur. Na een paar uurtjes werden we echter tegengehouden door de federale politie – waar elke Mexicaan schrik van heeft – omdat onze nummerplaten niet geldig waren. Na een lang praatje, en na enkele vragen aan die Belgische kiekens in de achterbak, mochten we doorrijden, mits een serieuze betaling onder de tafel. Zo maakten we kennis met Mexicaanse corruptie.
Door een bergwegje waar zelfs een berggeit voor zou terugdeinzen, geraakten we uiteindelijk aan onze bestemming: een paradijselijk strand, recht aan de oceaan, met niks meer dan wat rieten afdakjes om onze tenten onder te zetten. Heerlijk, wat heeft een mens meer nodig? We maakten wandelingen tot op de top van een rots, vanwaar we een overzicht hadden over de hele omgeving, ik lag een eeuw in het water te dobberen met mijn zwemband, we dronken pintjes, aten pescadillas, zaten rond het vuur, gingen op zoek naar waterschildpadden, zagen miljarden vuurvliegjes, lachten ons rot, sliepen in een hangmat en genoten hele dagen door. Maandagavond was de pret al voorbij en kwamen we ’s avonds laat terug aan in Artesanos.


Hier slapen Dorien en ik nu voorlopig in het kamertje op de patio van het huisje van Leen en Laura. Zoals gezegd vertrekken we morgen op reis, om rond 10 december terug naar de wijk te komen. Hier blijven we dan nog een weekje, om afscheid te nemen van alles en iedereen, wat geen makkie wordt. Bleiten man, bleiten!
Nog eens: ons vliegtuig landt op 18 december, om 11.30u. Ik probeer van op reis nog wel eens een verslagje te typen.
Vele vele vele groetjes uit Mexicooo!
x Lore
Geen opmerkingen:
Een reactie posten